Ferdinand Bordewijk

Från Wikipedia
Hoppa till navigering Hoppa till sök
Bordewijk (1954)

Ferdinand Bordewijk, född i Amsterdam 10 oktober 1884, död i Haag 28 april 1965, var jurist och en av 1900-talets främsta nederländska författare. Hans stil anses ha drag av den nya sakligheten, magisk realism, och surrealism.

Bordewijk studerade juridik i Leiden. Efter studierna började han arbeta vid en advokatbyrå i Rotterdam; juridiken och Rotterdam är bakgrunden till ett av hans mest kända verk, Karakter (Karaktären), från 1938. Boken filmades 1997 av regissören Mike van Diem, och vann året därpå en Oscar för bästa utländska film.

Priser[redigera | redigera wikitext]

  • 1949 - Prijs voor kunsten en wetenschappen för Noorderlicht
  • 1953 - P.C. Hooftprijs för De doopvont och Studiën in volkscultuur
  • 1957 - Constantijn Huygensprijs för hans samlade verk

Bibliografi[redigera | redigera wikitext]

Blokken (1931)
Bint (1934)
  • 1916 - Paddestoelen (med pseudonymen Ton Ven)
  • 1918 - Een koning van de frase (i: Groot Nederland)
  • 1919 - Fantastische vertellingen, verhalen
  • 1923 - Fantastische vertellingen, tweede bundel
  • 1924 - Fantastische vertellingen, derde bundel
  • 1931 - Blokken (roman)
  • 1933 - Knorrende beesten; de roman van een parkeerseizoen (roman)
  • 1934 - Bint, de roman van een zender (roman)
  • 1935 - De laatste eer, grafreden
  • 1935 - 't Ongure Huissens
  • 1936 - Rood paleis; ondergang van een eeuw
  • 1936 - IJzeren agaven; studie in zwart met kleuren
  • 1937 - De wingerdrank (roman)
  • 1938 - Karakter; roman van zoon en vader (roman)
  • 1940 - De Korenharp
  • 1940 - Drie toneelstukken
  • 1941 - Apollyon (roman)
  • 1944 - Verbrande erven (som Emile Mandeau)
  • 1946 - Eiken van Dodona
  • 1946 - Veuve Vesuvius
  • 1947 - Bij gaslicht
  • 1947 - Vijf fantastische vertellingen
  • 1948 - Noorderlicht
  • 1948 - Plato's dood, symfonisch gedicht
  • 1948 - Rotonde (opera)
  • 1949 - Blokken, Knorrende beesten, Bint (samling)
  • 1949 - Het eierschild
  • 1949 - Nachtelijk paardengetrappel
  • 1949 - Zwanenpolder; twintig verhalen
  • 1950 - Vertellingen van generzijds
  • 1951 - De korenharp, nieuwe reeks
  • 1951 - Studiën in volksstructuur
  • 1952 - De doopvont
  • 1954 - Haagse mijmeringen
  • 1954 - Mevrouw en meneer Richebois; twintig korte verhalen
  • 1955 - Arenlezing uit De korenharp (antologi)
  • 1955 - Bloesemtak
  • 1955 - Onderweg naar Beacons; twaalf korte verhalen
  • 1956 - Geachte confrère; splendeurs en misères van het beroep van advocaat
  • 1956 - Halte Noordstad; vermeerderd met drie eenacters en een monoloog (teaterpjäs)
  • 1956 - Tien verhalen
  • 1957 - Idem; tien parodieën
  • 1958 - De aktentas, tien korte verhalen
  • 1959 - De zigeuners; twaalf korte verhalen en een schets
  • 1960 - Centrum van stilte; vijf verhalen
  • 1961 - Tijding van ver
  • 1961 - Paddestoelen (raad in) rijm (med pseudonymen Ton Ven)
  • 1962 - Wandelingen door Den Haag en omstreken (med pseudonymen Ton Ven)
  • 1964 - Lente; zeven verhalen
  • 1964 - Jade, jaspis en av de jitterbug (med pseudonymen Ton Ven)
  • 1965 - De Golbertons
  • 1981 - Dreverhaven en Katadreuffe
  • 1981 - De Joodse cel
  • 1982 - Zeven fantastische vertellingen; nagelaten feuilletons
  • 1982-1991 - Verzameld werk (tretton delar)
  • 1983 - Vijf kleine verhalen
  • 1984 - Het vegetarisme van Mr. J.P. de Vries
  • 1984 - De publieke fotolach
  • 1984 - Straatnamen
  • 2005 - Vrouwenhaar